Centrum voortplantingsgeneeskunde Brabant

ETZ Elisabeth
Direct nummer
(013) 221 00 60
Route
92

Heb je een kinderwens en lukt het niet om zwanger te raken? Het Centrum Voortplantingsgeneeskunde Brabant (CVB) staat dan voor jou klaar. Samen met een vakkundig team van zorgprofessionals begeleiden we jou en je partner en staan dichtbij in jullie poging om zwanger te raken. Het CVB is gevestigd op de locatie ETZ Elisabeth in Tilburg.

In dit gedeelte bevindt zich een video. Die is niet zichtbaar omdat de cookies (nog) niet zijn geaccepteerd. Bekijk ons cookiebeleid.

"Een begripvolle benadering van jullie als stel is van groot belang. Daar doen wij ons uiterste best voor"

 

Over voortplantingsgeneeskunde

Op een bepaald moment in je leven wil je waarschijnlijk vader of moeder worden. Vaak ontwikkelt deze gedachte zich tot een intense wens. Gelukkig raakt negentig procent van alle stellen na een jaar onbeschermde gemeenschap spontaan zwanger. Gebeurt dit niet, dan kan er sprake zijn van verminderde vruchtbaarheid. Aan ons de taak te achterhalen wat de oorzaak hiervan kan zijn en wat er mogelijk is om een zwangerschap te realiseren.

"Centrum voortplantingsgeneeskunde Brabant helpt stellen die kampen met vruchtbaarheidsproblemen"

Met ons vakkundige en gespecialiseerde team begeleiden we jou en je partner zo optimaal mogelijk.
Zowel in medisch-inhoudelijk als in psychologisch opzicht. De behandeling is namelijk niet altijd even makkelijk en de uitkomst onzeker.
 

Hoe werkt het CVB?

In principe starten wij altijd een oriënterend fertiliteitsonderzoek om te beoordelen hoeveel kans een paar heeft op een spontane zwangerschap in het komende jaar. 

Afspraak maken

Bezoek je samen met je partner voor het eerst de polikliniek? Zorg dan voor een verwijsbrief van de huisarts. Zonder deze brief kan een zorgverzekeraar besluiten bepaalde zorg niet te vergoeden. Jullie komen bij het CVB in behandeling als paar. Dit betekent dat wij voor het eerste consult dubbele tijd reserveren.
Let op: hiervoor ontvangen jullie beiden een factuur en heeft mogelijk gevolgen voor het eigen risico!

Voor het maken van een afspraak bij een fertiliteitsgynaecoloog of fertiliteitarts bel je tijdens kantooruren met de polikliniek Voortplantingsgeneeskunde, op telefoonnummer (013) 221 00 60.

Voor specifieke vragen met betrekking tot een behandeling bel je van maandag tot en met vrijdag tussen 08.30 en 10.00 uur en tussen 13.00 en 14.30 uur (op donderdagmiddag tussen 13.30 en 14.30 uur) met de fertiliteitsverpleegkundige op telefoonnummer (013) 221 00 60.

In noodgevallen bel je tijdens kantooruren naar het secretariaat Voortplantingsgeneeskunde via telefoonnummer (013) 221 00 60 en buiten kantooruren via het nummer van de Verloskamers: (013) 221 27 73.

Wat is een oriënterend fertiliteitsonderzoek (OFO)?

Om achter de oorzaak van de verminderde vruchtbaarheid te komen, starten we met een oriënterend fertiliteitsonderzoek (OFO). Dit onderzoek ronden we gemiddeld genomen binnen twee maanden af. Tijdens dit OFO beoordelen we met behulp van een vragenlijst en diverse onderzoeken de volgende onderdelen:

  • Spermakwaliteit
  • Coïtus(frequentie) (geslachtsgemeenschap), seksuologische problematiek
  • Interactie tussen slijm van de baarmoedermond en zaadcellen, zie ook ‘samenlevingstest’ of ‘postcoïtumtest’
  • Baarmoeder
  • Eileiders
  • Buikholte
  • Eerdere bevruchting=fertilisatie 
  • Eerdere zwangerschap (innesteling)
  • Regelmaat van de cyclus, samenhangend met hormonale status
  • Eicelreserve (eicelkwaliteit en kwantiteit)
  • Duur onvervulde kinderwens (duur van de subfertiliteit)
  • Leefstijlfactoren, zoals leeftijd, roken, gewicht etc.

De kwaliteit van bovengenoemde onderdelen vormen samen de kans op een spontane zwangerschap.

Na afsluiting van het OFO berekenen we aan de hand van een bepaalde formule (Hunault) hoeveel kans er is op een spontane zwangerschap in het komende jaar. In een uitvoerig gesprek besluiten we vervolgens, afhankelijk van die kans, af te wachten of met een behandeling te starten. 

Cyclusanalyse en PCT

Als onderdeel van het OFO brengen we de cyclus en de functie van de baarmoedermond in kaart. Voorwaarden hiervoor zijn een voldoende goede zaadkwaliteit en een regelmatige cyclus; tussen de zesentwintig en vijfendertig dagen.

Normaal gesproken starten we het onderzoek rond dag tien of twaalf. Afhankelijk van de grootte van het groeiende eiblaasje spreken we een vervolgecho af. Wanneer het eiblaasje 16,5 mm of groter is, nemen we met behulp van een eendebek (speculum) en een klein naaldloos spuitje slijm van de baarmoedermond af. Dit slijm beoordelen we onder een microscoop op de aanwezigheid van (beweeglijke) zaadcellen. Als we geen beweeglijke zaadjes aantreffen, terwijl jullie wel recent gemeenschap hebben gehad, voeren we een pH-bepaling uit. Dit onderzoek noemen we de samenlevingstest, post-coïtumtest of Sims-Hühnertest. Het onderzoek wordt in principe een of twee dagen later herhaald, net zolang tot de samenlevingstest positief is of de eisprong heeft plaatsgevonden. Een week na de eisprong bepalen we het hormoon progesteron in je bloed. Een verhoogde waarde is dan het bewijs voor de eisprong.

Een enkele keer verloopt de cyclus niet zoals verwacht en moet het onderzoek herhaald worden.

Soms is er sprake van een hormonaal probleem en als gevolg daarvan een onregelmatige cyclus of zelfs een afwezige cyclus. Met behulp van de juiste diagnostiek en therapie is cyclusherstel vrijwel altijd mogelijk.

Eileiderdiagnostiek: HSG en laparoscopie

Eileideronderzoek

Met een eileiderdiagnostiek tot slot, sluiten we vaak het OFO af. Is er nog geen oorzaak gevonden voor een uitblijvende zwangerschap, dan is het belangrijk de doorgankelijkheid van de eileiders te onderzoeken. Dit kan met een HSG (baarmoederfoto) of laparoscopie (kijkoperatie) met tubatesten (eileidertest). Bij afgesloten eileiders ontmoeten de zaadcellen, afkomstig uit de vagina en baarmoeder, namelijk nooit de eicel, afkomstig uit de eierstok.

Voorafgaand aan een eileiderdiagnostiek bekijken we met een bepaling van chlamydia-antistoffen in het bloed, of je eerder in contact bent gekomen met chlamydia. Chlamydia is de meest voorkomende seksueel overdraagbare aandoening en veroorzaakt bij vrouwen onvruchtbaarheid door het aanbrengen van schade aan de eileiders. Daarnaast kunnen er door chlamydia verklevingen in de buik ontstaan, waardoor de uiteinden van de eileiders na de eisprong de eicel niet meer oppikken uit de vrije buikholte. Als er dus aanwijzingen zijn dat er mogelijk een chlamydia-infectie in het verleden heeft plaatsgevonden, besluiten we tot een laparoscopie met tubatesten. Zodoende kunnen we ook de omgeving van de eierstokken en eileiders inspecteren.

Een Hysterosalphingografie onderzoek (HSG, zie verderop in de tekst) volstaat als er geen antistoffen aanwezig zijn tegen chlamydia.

Is in jouw voorgeschiedenis aanleiding tot verdenking van afwijkingen in de buik (bijvoorbeeld na een gecompliceerde blindedarmontsteking) dan wordt er een afweging gemaakt ten aanzien van risico’s van met name een laparoscopie. Bij verdenking op endometriose is laparoscopie het belangrijkste middel om dit vast te stellen.

Hysterosalphingografie (HSG)

Dit onderzoek vindt plaats op de afdeling Radiologie en wordt uitgevoerd door een van de fertiliteitsartsen. Belangrijk is om voor het ondergaan van het onderzoek zeker te weten dat je niet zwanger bent. Bij voorkeur wordt het onderzoek verricht tussen cyclusdag vijf en twaalf.

Een HSG-onderzoek kan pijnlijk zijn. Tijdige pijnmedicatie (500 mg Naprosyne als zetpil één à anderhalf uur voor de ingreep) kan zorgen voor enige verlichting tijdens de ingreep. 

Tijdens dit onderzoek werken we met röntgendoorlichtingen, zodat het gebruikte contrast een beeld geeft van de vorm van de baarmoeder en vorm en doorgankelijkheid van de eileiders. Het is bekend dat de olie (verwarmde Lipiodol, jodiumhoudend) die hierbij gebruikt wordt, tot ongeveer een half jaar later een iets hogere zwangerschapskans geeft. Na de HSG wordt op indicatie na ongeveer een half uur nog een restfoto gemaakt.

Wij raden je aan niet zelf naar huis te rijden, omdat je nog misselijk kunt zijn of buikpijn kunt hebben. De volgende dag kun je je dagelijkse bezigheden weer hervatten.

Laparoscopie

Belangrijk is om voor het ondergaan van het onderzoek zeker te weten dat je niet in verwachting bent. Bij voorkeur verrichten we het onderzoek tussen cyclusdag vijf en twaalf. Voor dit onderzoek wordt je opgenomen op de afdeling Dagopname. De ingreep vindt plaats op een operatiekamer, door een van de ervaren arts-assistenten of gynaecologen. Je krijgt een roesje, zodat je van de ingreep niets merkt. Nadat er een gaatje is gemaakt in je buik, ter hoogte van je navel, blazen we gas in je buik om overzicht te krijgen. Vervolgens brengen we een camera in. Daarna spuiten we via de baarmoedermond blauw gekleurde vloeistof, samen met olie, de baarmoeder in. Dit hoort door de eileiders naar buiten, de buikholte in te lopen.

Het is bekend dat de olie (verwarmde Lipiodol, jodiumhoudend) die we gebruiken, tot ongeveer een half jaar later een iets hogere zwangerschapskans geeft. Wij raden je verder aan om niet zelf naar huis te rijden, omdat je misselijk kunt zijn of buikpijn kunt hebben. De volgende dag kun je vaak je dagelijkse bezigheden weer hervatten. Wel kun je nog wat schouderpijn ervaren als gevolg van prikkeling van het middenrif, door het gebruikte gas en wat spierpijn.
 

 

Wij zijn een zeer ervaren, gedreven en gepassioneerd team. Ons doel is om stellen zo optimaal mogelijk te begeleiden. Dit betekent zowel medisch-inhoudelijk als in psychisch opzicht. Voor de psychologische ondersteuning maken een maatschappelijk werkster, een psycholoog en een psychiater deel uit van ons team. We hopen dat het proces zal leiden tot de geboorte van een gezond kind. Dit traject is echter niet altijd even makkelijk en wat extra ondersteuning kan dan welkom zijn. Wij doen ons uiterste best jou te helpen.